zondag 17 juni 2012

Abraham, de moslim?

Soera 3:64-67
64. Zeg: O mensen van het Boek, laten we een overeenkomst sluiten tussen ons en jullie, dat we niets zullen aanbidden behalve Allah, niets bij hem betrekken, en sommigen van ons niet andere heren naast Allah zullen nemen. Maar als zij zich afkeren, zeg dan dat zij er getuige van zijn dat wij moslims zijn.
Dit is een nogal eenzijdig voorstel, net als dat in vers 61 eigenlijk. Schrijver bedoelt (alweer) dat christenen Jezus niet als zoon van God mogen opvatten, en of ze daar maar even in het openbaar afstand van willen nemen. Hij wist natuurlijk ook dat dat tamelijk kansloos was, vandaar het laatste zinnetje. Maar wat betekent dat precies, "er getuige van zijn dat wij moslims zijn"? Is "moslim zijn" zoiets als "gelijk hebben" of "aan de goede kant staan"? Vermoedelijk.
65. O mensen van het Boek, waarom maken jullie ruzie over Ibrahim, terwijl de Toerah en de Andzjiel pas van later zijn? Begrijpen jullie het dan niet?
Voordat we kunnen begrijpen wat de schrijver bedoelt, moeten we erachter zien te komen over welke ruzie hij het heeft. Gelukkig worden we in dit geval iets wijzer van de verzen die volgen.
66. Kijk, jullie zijn degenen die ruzie maakten over waar jullie verstand van hadden, maar waarom ruzie maken over een onderwerp waar jullie geen verstand van hebben? Allah heeft er verstand van en jullie niet.
67. Ibrahim was niet joods of christelijk, maar een oprechte moslim en hij was niet van de afgodendienaars.
Vers 66 moet ons met klem duidelijk maken dat joden en/of christenen geen verstand hebben van Abraham, maar de koranschrijver ("Allah") juist wel. Nou, we zullen eens zien. Als hij zegt dat Abraham niet joods of christelijk was dan heeft hij wel een punt, maar Abraham was ook geen moslim. Hij onderwierp zich niet aan de Koran (die toen nog niet was verschenen), en van het misdadige gedrag van Mohammed zou hij ongetwijfeld enorm zijn geschrokken.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Op- of aanmerkingen? Plaats ze hier...