zondag 1 mei 2011

Gebedsrichting

Soera 2:143-146

In vers 142 (zie "Van Jeruzalem naar Mekka") verklaart de Koranschrijver mensen voor achterlijk die zich hardop afvragen waarom de gebedsrichting van Moslims op enig moment veranderd is. Maar in de volgende verzen gaat hij daar toch antwoord op geven.
143. Zo hebben we jullie natie als norm gesteld, dat jullie een voorbeeld voor de (andere) naties zijn (...). En wij hebben als gebedsrichting aangewezen wat jullie gewend waren, om te bepalen wie de Boodschapper volgen en wie zich op hun hakken omdraaien. Dit was inderdaad moeilijk, behalve voor hen die door Allah geleid worden. (...)
Kortom, moslims draaien bij het gebed hun lichaam in een bepaalde richting om 'dwars te liggen'. Dat is wel een bijzonder lamme reden, en het geeft aan dat het er in de vroege islam meer om ging zich tegen joden en christenen af te zetten dan om het 'goed' te doen.
144. We hebben gezien hoe je het gezicht naar de hemel hebt gericht, nu zullen wij je gebedsrichting draaien naar een favoriete plaats. Keer dus je gezicht naar de heilige moskee, en waar je ook bent, keer je gezicht in die richting. Zij die het Boek hebben ontvangen weten dat dit de waarheid van hun Heer is. (...)
Droom lekker verder, koranschrijver! In de Bijbel staat nergens de opdracht bij het bidden in een bepaalde geografische richting te gaan liggen en natuurlijk al helemaal niet in de richting van Mekka zoals moslims vandaag de dag doen. 'Zij die het Boek hebben ontvangen' weten wel beter.
145. Zelfs als je de mensen die het Boek hebben ontvangen alle Tekenen zou aanbrengen, dan nog zouden ze jullie gebedsrichting niet volgen. Jullie zullen hun gebedsrichting ook niet volgen. Sommigen van hen volgen ook niet de gebedsrichting van anderen van hen. En als jullie hun verlangen zouden volgen nadat de kennis tot jullie gekomen is, dan zul je zeker tot de onrechtvaardigen behoren. 
Het is volgens de koranschrijver dus zelfs onrechtvaardig om in de richting van bijvoorbeeld Jeruzalem te bidden. Bonter moet hij het toch niet maken. Maar wacht, dat gaat hij toch nog doen:
146. Zij die het Boek hebben ontvangen weten dit zoals ze hun eigen zoons kennen, maar sommigen van hen verbergen de waarheid waarvan ze zelf overtuigd zijn.
Dat is lef hebben: de mensen die het beter weten voor leugenaars uitmaken! En zo gaat het nog even door tot vers 150, waarmee ik de lezer niet verder wil vermoeien.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Op- of aanmerkingen? Plaats ze hier...