Posts tonen met het label eerlijkheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label eerlijkheid. Alle posts tonen

zaterdag 23 juni 2012

Wanbetalers in de hel?

Soera 3:76-77
76. Ja, wie zich aan zijn belofte houdt en ontzag (voor Allah) heeft - zeker, Allah houdt van hen die ontzag (voor hem) hebben.
We staan hier even bij stil, omdat het zo'n mooi vers is. Want als we doorlezen krijgen we dit:
77. Dan, zij die liever wat geld zien dan de belofte van Allah of hun eigen eed, zij zullen in het hiernamaals niets krijgen, Allah zal niet tegen hen spreken, op de dag van de opstanding zal hij niet naar ze kijken; in plaats van een beloning zullen ze een pijnlijke straf krijgen.
Ja, zo kan hij wel weer. De afvalligen krijgen er in dit vers flink van langs. Waarmee we inmiddels zijn afgedwaald van vers 75 (over het afbetalen van leningen) waar dit misschien ook niet meer op slaat, terwijl vers 76 daar nog wel over lijkt te gaan. Het volgende vers gaat over weer iets anders, dus dat is wat voor een volgende post.

dinsdag 6 december 2011

Makkelijk lenen op reis

Soera 2:283

Dit vers sluit aan op het vorige, dat ging over contracten en getuigen bij het aangaan van een lening (en bij minder indrukwekkende zaken zoals ruilhandel). Vers 283 voegt daar enkele interessante uitzonderingsbepalingen aan toe.
283. En als je op reis bent en geen schrijver vindt, dan maar een onderpand genomen; maar als iemand van jullie een ander (het onderpand toe-) vertrouwt, dan moet die ander het hem toevertrouwde (t.z.t.) teruggeven, laat hij Allah vrezen. Verberg het bewijs niet; wie dat doet heeft een zondig hart, en Allah weet wat je doet.
Het is dus toegestaan in plaats van een geschreven contract een onderpand uit te wisselen, en dat onderpand mag ook weer aan een ander in bewaring worden gegeven. Hier is echter geen sprake van getuigen, dus wat er in het geval van een conflict moet gebeuren om de waarheid boven tafel te krijgen is onduidelijk. Dat het onderpand kan worden doorgegeven aan een ander maakt de kans op ongelukken alleen nog maar groter. Waarom is de koranschrijver hier zo makkelijk en in het vorige vers juist niet?

maandag 5 december 2011

Trouw met een lening

Soera 2:282

Dit langste vers van Soera 2 gaat over de formaliteiten rond de lening van een moslim aan een andere moslim. De nadruk op de aanwezigheid van getuigen bij die overeenkomst is iets waar Johannes van Damascus zich in de 8e eeuw al over verbaasde. Maar goed, hier komt het.
282. O jullie die geloven! Als jullie met elkaar afspreken om een schuld voor een vaste tijd aan te gaan ...
Hier onderbreken we het verhaal even: in de voorafgaande verzen, die gaan over het lenen door een moslim van een niet-moslim, is de termijn rekbaar en uiteindelijke terugbetaling bovendien onzeker en eigenlijk ongewenst. Maar hier, tussen twee moslims, worden de zaken béter geregeld. We gaan verder.
282. (...) leg het dan vast op schrift. Laat een schrijver het tussen jullie vastleggen, in eerlijkheid, en de schrijver moet niet weigeren te schrijven zoals Allah het hem heeft geleerd, zo moet hij schrijven. En laat de schuldenaar dicteren, en hij moet Allah, zijn heer, vrezen, en er niet iets van weglaten. Maar als de schuldenaar handelingsonbekwaam is, of zwak, of niet zelf kan dicteren, laat zijn voogd dan in eerlijkheid dicteren...
Op zichzelf lijkt dit allemaal zo gek nog niet. Het wijkt wel iets af van wat wij zouden doen bij een notaris, want die stelt zelf (standaard-) contracten op. Vreemd is ook dat de schuldeiser hier helemaal geen rol lijkt te spelen. Wordt zijn instemming ook nog gevraagd, of moet de schrijver de schuldenaar op zijn blauwe ogen geloven? En het wordt nog iets vreemder. Bij het opstellen van het contract moeten namelijk ook nog getuigen aanwezig zijn. In Nederland doen we dat alleen bij het sluiten van een huwelijk.
282. (...) En roep uit jullie midden twee mannen als getuigen op, en als er geen twee mannen zijn, dan een man en twee vrouwen van onder hen die je als getuigen kiest, zodat als één van de twee dwaalt, de ander van de twee de ene kan helpen herinneren...
Deze passage is berucht omdat de schrijver hier suggereert dat een vrouw als getuige de helft van een man waard is, vanwege haar vergeetachtigheid. Uit onderzoek (hier) blijkt dat dat tenminste bij oudere mannen en vrouwen juist andersom is, maar bij zwangere vrouwen schijnt vergeetachtigheid inderdaad wat vaker voor te komen. Interessant, maar we moeten toch concluderen dat hier sprake is van discriminatie van vrouwen. Want zelfs vrouwen die daar last van hebben zijn niet permanent zwanger.
282. (...) En de getuigen moeten niet weigeren wanneer ze worden opgeroepen, en heb geen tegenzin om te schrijven, klein of groot, met de vervaldatum. Dit is juister in de ogen van Allah en verzekert van grotere nauwkeurigheid in het getuigen, en de beste benadering zodat er geen twijfel ontstaat, behalve als het koopwaar op voorraad betreft die jullie onder elkaar van hand tot hand laten gaan, dan zijn jullie niet schuldig als er niets wordt opgeschreven; en zorg voor getuigen bij ruilhandel met elkaar, en laat de schrijver noch de getuige iets overkomen; als je dat toch doet dan is dat jouw overtreding, en vrees Allah, Allah onderwijst je, en Allah weet alle dingen.
Een stortvloed van woorden, met naar mijn smaak een groot aantal open deuren. Natuurlijk ruim je notarissen en getuigen niet uit de weg. En uiteraard is een contract nuttig om onenigheid achteraf te voorkomen. Nogal wiedes dat je niet bij elke aankoop door de notaris een contract laat opstellen (een kassabon is goed genoeg).  Maar is het nou nodig bij zoiets overzichtelijks als ruilhandel getuigen in te schakelen? Mijn hemel, wat een gedoe. Je krijgt met dit soort verzen de indruk dat de moslimwereld wordt bevolkt door onbetrouwbare sujetten die voortdurend in de gaten gehouden moeten worden omdat ze de kluit anders beduvelen.